FVA header

Archief: Varia

Brief aan Minister Van Mechelen, 19-04-05

Geachte Heer Minister,

Vooreerst danken wij u oprecht voor uw snelle reactie op de oprichting van het Forum Vlaamse Archeologie: ze toont aan dat er een probleem is en dat u daaraan de nodige aandacht wil besteden. Het geeft ons trouwens een goed gevoel dat u de discussie constructief wil houden, wat ook steeds onze bedoeling is geweest. Onze vrees blijft echter dat het voor de archeologie in Vlaanderen 5 vóór 12 is. Het schrijnend gebrek aan middelen is een oud zeer en na een eerste lezing van uw reactie wordt onze bezorgdheid niet ontzenuwd. Uw schets van de actuele situatie strookt naar onze mening niet volledig met de realiteit en ze maakt geen gewag van noodzakelijke structurele en decretaal bepaalde oplossingen m.b.t. de implementatie van het Verdrag van Malta.

U stelt dat in Vlaanderen al in de geest van Malta wordt gewerkt. Er kan inderdaad niet ontkend worden dat sommige ontwikkelaars in bepaalde omstandigheden bereid zijn tot het betalen van een preventief archeologisch onderzoek. Deze bedragen kunnen echter geenszins de vergelijking doorstaan met budgetten die in omringende landen bij gelijkaardige projecten worden besteed. Bovendien berusten ze, al worden ze dan vaak uit enige bereidwilligheid gegeven, op geen enkele wettelijke basis en blijven ze beperkt tot overheidsinitiatieven.

Inzake de integratie van archeologie in de ruimtelijke ordening zijn de initiatieven waarnaar u verwijst een aanpak in de goede richting, maar vormen zij veeleer de zeldzame uitzonderingen die de regel bevestigen.

De door u vermelde budgetverhoging gaat onder meer naar publieks-archeologische projecten maar heeft geen invloed op het eigenlijke veldwerk dat met voortdurende bedreigingen en vernieling wordt geconfronteerd. Daarenboven valt 5,4 miljoen euro moeilijk te vergelijken met de omzet van de Nederlandse Archeologie (200 miljoen euro – cfr. persnota FVA). Het toont aan dat “werken in de geest van Malta” in Nederland totaal anders geïnterpreteerd wordt dan in Vlaanderen. Dit structureel tekort aan middelen belemmert in hoge mate de kwaliteit en kwantiteit van het archeologisch onderzoek in Vlaanderen en heeft daarenboven ook belangrijke sociale consequenties. De chronische werkloosheid bij archeologen blijft een sociaal en menselijk probleem waar wel eens te vlug aan voorbij wordt gegaan.

De aanmoedigingen die u geeft aan de lagere bestuursniveau’s kunnen worden toegejuicht. Maar zoals u terecht aanhaalde, zijn ook hier die budgetten niet echt bedoeld voor de realisatie van daadwerkelijk onderzoek.

We denken, Mijnheer de Minister, dat het Forum Vlaamse Archeologie u heel wat verduidelijking en expertise rond al deze thema’s kan aanbieden vanuit het ruime werkveld dat ons ondersteunt. Daarom vragen wij u om met ons vrij snel in een constructieve dialoog te willen treden om zodoende samen tot een betere zorg voor het archeologisch erfgoed in Vlaanderen te kunnen komen.

Uw kennis en ervaring als minister van Begroting én Ruimtelijke Ordening, maar ook uw achtergrond als historicus geven ons goede hoop dat u dit alles op het niveau van de Vlaamse regering kan en wil ter bespreking voorleggen.

Met de meeste hoogachting,

Namens het Forum Vlaamse Archeologie,
Prof. dr. Philip Van Peer, woordvoerder